Een composthoop die stinkt, vol fruitvliegjes zit of na twee jaar nog steeds herkenbaar keukenafval bevat: dat is bijna altijd hetzelfde probleem. Te veel nat, te weinig droog. Compost maken is geen kunst, maar het is wel een verhouding.
Hieronder staat wat er wel en niet in mag, hoe je die verhouding in de praktijk aanhoudt, en hoe je van anderhalf jaar naar vier maanden gaat.
Het enige principe dat je moet snappen: groen en bruin
Alles wat je op de hoop gooit valt in twee groepen.
| Groen (nat, stikstofrijk) | Bruin (droog, koolstofrijk) | |
|---|---|---|
| Wat het is | Vers, vochtig, zacht materiaal | Dood, droog, houtachtig materiaal |
| Voorbeelden | Grasmaaisel, groente- en fruitresten, koffiedik, verse plantenresten, onkruid zonder zaad | Droge bladeren, karton, snoeihout (versnipperd), stro, houtsnippers, eierdozen, keukenpapier |
| Wat het doet | Levert stikstof, zorgt voor warmte en snelheid | Levert koolstof en lucht, voorkomt stank |
De vuistregel: ongeveer evenveel groen als bruin, gemeten in volume. Twijfel je, doe er dan meer bruin bij. Een hoop met te veel bruin composteert langzaam; een hoop met te veel groen wordt een stinkende, slijmerige massa.
Dit is het hele geheim. Wie elke keer een emmer keukenafval op de hoop kiepert zonder er bladeren, karton of snippers bij te doen, krijgt binnen twee weken de klachten waar iedereen het over heeft.
Wat mag er wel in?
- Groente- en fruitresten, schillen, klokhuizen
- Koffiedik en koffiefilters, theeblad (papieren zakjes ja, kunststof zakjes nee)
- Eierschalen, fijngedrukt
- Grasmaaisel, in dunne lagen en gemengd met bruin materiaal
- Bladeren — het beste bruine materiaal dat er is, en het is gratis
- Verwelkte bloemen, plantenresten, uitgebloeide potplanten
- Onkruid zonder zaad en zonder wortelstokken
- Ongebleekt karton en papier, in stukken gescheurd
- Versnipperd snoeihout, houtsnippers, stro
- Haren en nagelknipsel van mens en huisdier
- Mest van planteneters: konijn, cavia, kip (niet van hond of kat)
Wat mag er beslist niet in?
| Niet doen | Waarom |
|---|---|
| Vlees, vis, botten | Trekt ratten en meeuwen aan, gaat rotten in plaats van composteren |
| Zuivel, kaas, saus, olie | Stank, ongedierte, verstoort het proces |
| Gekookt eten en restjes van het bord | Ratten. Dit is de belangrijkste reden dat mensen ratten in de tuin krijgen. |
| Hondenpoep en kattenbakvulling | Ziekteverwekkers die de hoop niet doodt |
| Wortelonkruid: zevenblad, kweekgras, haagwinde, heermoes | Overleeft de hoop en verspreidt zich straks door je hele tuin |
| Onkruid met rijp zaad | Je zaait het volgend jaar met de compost weer uit |
| Zieke planten (aardappelziekte, buxusmot, schimmels) | Een gewone tuinhoop wordt niet heet genoeg om ze te doden |
| Behandeld hout, as van briketten, houtskool | Bevat stoffen die niet in de tuin thuishoren |
| Glanzend papier, bonnetjes, stickers, theezakjes met kunststof | Composteert niet, laat microplastic achter |
| Citrusschillen en uienschillen in grote hoeveelheid | Zuur en traag; klein beetje kan prima |
En “composteerbaar” plastic?
Zakjes en bekers met het label composteerbaar breken alleen af in een industriële installatie bij 55 tot 60 °C. In een tuinhoop liggen ze er over twee jaar nog. Doe ze bij het gft-afval, niet op je eigen hoop.
Hoe bouw je de hoop op?
- Zet hem op de kale grond, niet op tegels. Wormen en bodemleven moeten erin kunnen. Halfschaduw is ideaal: in de volle zon droogt hij uit.
- Begin met een grove laag van takken of snippers van ongeveer 10 centimeter. Dat geeft lucht van onderen en voert overtollig water af.
- Werk in lagen van 10 tot 15 centimeter, en wissel groen en bruin af. Kiep nooit een dikke laag gras van 20 centimeter in één keer: die wordt een compacte, stinkende koek.
- Houd het vochtig als een uitgeknepen spons. Knijp je er een handvol uit en druipt het, dan is het te nat. Valt het uit elkaar als droog stof, dan te droog.
- Dek af met een oud kleed, karton of een deksel. Tegen uitdrogen in de zomer en tegen doorspoelen bij regen.
Hoe groot moet hij zijn?
Minimaal ongeveer 1 kubieke meter (1 × 1 × 1 meter). Kleiner en de hoop houdt geen warmte vast, waardoor het proces traag blijft. Een compostvat werkt ook, maar composteert langzamer en is lastiger te keren.
Sneller compost: van anderhalf jaar naar vier maanden
Een hoop waar je alleen af en toe iets op gooit, is na 12 tot 18 maanden klaar. Wil je het sneller, dan zijn dit de knoppen waaraan je draait.
1. Verklein het materiaal
Grote stukken duren lang. Hak of scheur alles in stukken van hooguit een paar centimeter, en snipper snoeihout. Dit alleen al halveert de tijd.
2. Keer de hoop
Elke vier tot zes weken alles omzetten: de buitenkant naar binnen, de binnenkant naar buiten. Dat brengt zuurstof in, en zuurstof is wat de bacteriën nodig hebben. Twee vakken naast elkaar maakt dit veel makkelijker: je schept de ene hoop simpelweg in de andere.
3. Zorg dat hij warm wordt
Een goed werkende hoop wordt vanbinnen 50 tot 65 °C. Je voelt het als je er je hand in steekt, en op een koude ochtend zie je hem dampen. Dat gebeurt alleen bij voldoende volume, voldoende stikstof (groen) en voldoende vocht.
4. Zet hem aan met iets stikstofrijks
Een emmer verse mest, een schep bestaande compost of wat brandnetels versnellen de start flink. Er bestaan ook compostversnellers te koop, maar vers grasmaaisel doet in de praktijk hetzelfde.

Problemen oplossen
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Stinkt naar rotte eieren of ammoniak | Te nat en te veel groen, geen zuurstof | Omzetten en flink bruin materiaal erdoor: karton, bladeren, snippers |
| Er gebeurt niets, blijft koud | Te droog, te klein of te veel bruin | Water erbij, groen materiaal toevoegen, hoop groter maken |
| Wolk fruitvliegjes | Keukenafval ligt open bovenop | Altijd afdekken met een laag bruin materiaal of grond |
| Ratten of muizen | Gekookt eten, vlees of zuivel op de hoop | Die eruit halen en nooit meer toevoegen; bodem met fijn gaas afsluiten |
| Wit schimmeldraad door de hoop | Normaal en gewenst | Niets doen, dat is het proces |
| Mieren in de hoop | Te droog | Water geven en omzetten |
| Onkruid groeit op de hoop | Zaad meegekomen of hoop wordt niet heet | Uittrekken; onkruid met zaad voortaan bij het gft |
Wanneer is compost klaar, en wat doe je ermee?
Klaar is: donkerbruin tot zwart, kruimelig, ruikend naar bosgrond, en je herkent er geen oorspronkelijk materiaal meer in. Een paar takjes mogen; die zeef je eruit en gooi je terug op de nieuwe hoop.
Gebruik het als bodemverbeteraar, niet als potgrond. Pure compost is te voedselrijk en te los om iets in te zaaien.
- Moestuin: een laag van 3 tot 5 centimeter, in het voorjaar oppervlakkig doorgewerkt.
- Border: 2 tot 3 centimeter uitstrooien rond de planten in het najaar. Wormen werken het vanzelf in.
- Nieuwe moestuinbak: meng ongeveer 30 procent compost door de tuinaarde. Bereken hier hoeveel grond er in je bak gaat.
- Gazon: een dun laagje gezeefde compost na het verticuteren.
- Potten: maximaal een kwart compost door gewone potgrond.
Hoeveel compost levert het op?
Reken erop dat een hoop tijdens het proces tot ongeveer een derde van het oorspronkelijke volume inkrimpt. Een kubieke meter materiaal geeft dus zo’n 300 tot 400 liter compost. Dat klinkt weinig, maar het is genoeg om ongeveer 8 tot 10 vierkante meter moestuin een jaar lang te voeden.
Kort samengevat
- Houd groen en bruin ongeveer in balans; bij twijfel meer bruin.
- Geen vlees, zuivel, gekookt eten, hondenpoep, wortelonkruid of zieke planten.
- Minimaal een kubieke meter, op kale grond, in halfschaduw, afgedekt.
- Vochtig als een uitgeknepen spons, en elke vier tot zes weken omzetten.
- Fijn materiaal composteert vele malen sneller dan grof.
- Klaar is kruimelig, donker en het ruikt naar bosgrond.
Cristian Soto schrijft over tuinieren, moestuinen en klussen in en om het huis. Hij bouwt de rekenhulpen op deze site zelf en test elke berekening met echte maten uit zijn eigen tuin voordat die online gaat. Zijn uitgangspunt: uitleggen in gewone taal wat andere sites vaag laten.